Jetset - Marion Pauw (2010)

Na haar literaire thrillers ‘Daglicht’ (waarmee ze terecht de Gouden Strop won) en ‘Zondaarskind’ heeft Marion Pauw nu een heel ander boek geschreven. Geïnspireerd door Agatha Christie, van wie zijn als tiener groot fan was, schreef ze de klassieke whodunit ‘Jetset’. ‘Een gesloten kamermysterie in een luxueuze omgeving’, zoals Pauw het zelf in een interview omschreef.
‘Jetset’ combineert klassieke Agatha Christie elementen met personages van nu. Hardwerkende IT-mannen, sjoemelende bankiers en hun mooie, maar verveelde vrouwen die dromen van een beter leven. De personages komen samen op een luxe plezierjacht voor een rondreis door het Caribisch gebied op uitnodiging van de steenrijke Alexander Zilver. Hij heeft net zijn honderdste miljoen verdiend en wil dit delen met zijn beste vrienden, zijn veertienjarige dochter en zijn nieuwe vriendin.
Van een feestje lijkt evenwel geen sprake, want er zijn nogal wat onderlinge spanningen. Meerdere passagiers lijken nog een appeltje te schillen te hebben met Alexander, in de ogen van zijn puberende dochter kan hij sowieso weinig goed doen en het huwelijksaanzoek aan zijn nieuwe vriendin Jenny doet de sfeer op het jacht ook al geen goed. Tegelijkertijd blijken zelfs onder het personeel van het jacht mensen die Alexander kennen.
Het is daarom geen verrassing dat hij op een ochtend dood wordt aangetroffen. Hoofdstewardess Lou ontdekt dat van een natuurlijke dood geen sprake is. Als het lijk kort daarna ook nog eens verdwijnt, neemt kapitein Schmidt hoogstpersoonlijk de taak op zich om de dader van de moord te vinden. Dat lijkt makkelijker dan het is, want ondanks dat de gasten doen alsof ze zijn dood verschrikkelijk vinden, lijken de meeste passagiers meer te verzwijgen dan te willen vertellen tegen de kapitein.
‘Jetset’ is een duidelijk ander boek dan de vorige thrillers van Marion Pauw. Het is een echte whodunit, wat inhoudt dat het boek zich concentreert op het vinden van de dader. Hoewel ‘Jetset’ heerlijk wegleest, is het als thriller een minder boek dan bijvoorbeeld ‘Daglicht’. Dit is overigens niet erg, want de vorm zorgt ervoor dat je het boek niet kunt wegleggen voordat je als lezer weet hoe de vork in de steel zit. Het schrijfplezier is van de pagina’s af te lezen en dat vergoedt de minpuntjes die dit boek ook heeft.
De belangrijkste is wel de overbodige epiloog, die werkelijk niets toevoegt. Ook zijn de verwikkelingen net iets te toevallig of vergezocht om echt geloofwaardig te zijn. De smakelijk beschreven ruzies en de spanning die vrijwel tot het eind boven de pagina’s hangt zijn reden om dit boek te lezen. Vermeldenswaardig ook is de aantrekkelijke en effectieve cover van het boek, die precies dat belooft wat je als lezer krijgt voorgeschoteld: een spannend en broeierig verhaal, dat verder weinig om het lijf heeft. Dat bedoel ik overigens minder negatief dan het wellicht klinkt...

1/8/2011 | boeken |