In filmland neemt regisseur Eddy Terstall een bijzondere positie. Hij verfilmt altijd zelfgeschreven scenario’s, maakt films met een geheel eigen signatuur en doet dit desnoods voor een minimaal budget. Met zijn zevende speelfilm ‘Simon’ oogstte hij veel lof tijdens het Nederlands Filmfestival. Hij won geheel terecht drie Gouden Kalveren. ‘Simon’ is niet alleen zijn beste productie, maar ook de beste Nederlandse film van het afgelopen jaar.Simon (Cees Geel) en Camiel (Marcel Hensema) zitten bij de arts. Simon heeft kanker, een tumor in zijn hoofd. De arts legt hem uit dat de eerste chemokuur niet is aangeslagen en dat opereren gezien het gevaar eigenlijk geen optie is. Het risico dat vitale delen van de hersenen worden geraakt is te groot. ,,Heeft u dan geen dokter voor mij met meer gevoel voor tumor?’’ vraagt Simon droog. Deze scène is kenmerkend voor de manier waarop Eddy Terstall in zijn zevende lange speelfilm zware thema’s aansnijdt. De luchtige toon blijft tot de laatste seconde aanwezig en juist dat bepaalt de kracht van ‘Simon’.
Het contrast tussen beide hoofdpersonen van deze film kan bijna niet groter zijn. Simon is een praatjesmaker. Hij is eigenaar van een café, een strandtent en verdient lucratief bij met hasjverkoop. Ondertussen duikt hij met de een na de andere vrouw het bed in, al heeft hij min of meer een relatie met Sharon (Rifka Lodeizen). Camiel is een rustige, bijna verlegen tandheelkundestudent, die valt op mannen. Desondanks worden beide mannen in 1988, nadat ze letterlijk op elkaar zijn gebotst, elkaars beste vrienden. Camiel voelt zich al snel als een vis in het water binnen de stoere vriendenkring van Simon, die vooral bestaat als macho’s en lekkere wijven. Camile wordt volledig geaccepteerd, al krijgt hij aardig wat grappen over zijn geaardheid te verduren. Op vakantie in Thailand komt een eind aan hun vriendschap als Camiel op het strand seks heeft met Sharon. Hij biecht dit nog wel op aan Simon, maar durft hem daarna niet meer onder ogen te komen.
Pas veertien jaar later komen ze elkaar geheel toevallig weer tegen. Camiel staat inmiddels op het punt in het huwelijk te treden met zijn partner Bram (Dirk Zeelenberg). Simon leidt eigenlijk nog steeds hetzelfde vrije leven als veertien jaar daarvoor. Een ding is echter wel veranderd, want Simon is namelijk ernstig ziek. Hij heeft een tumor in zijn hoofd en heeft niet lang meer te leven. Vanaf hun ontmoeting bloeit hun vriendschap weer op. Camiel wordt zijn grootste steun en toeverlaat tijdens Simons ziektebed en hij sluit tevens vriendschap met diens twintigjarige dochter Joy (Nadja Hüpscher) en haar vijftienjarige broertje Nelson (Stijn Koomen). Samen leven ze toe naar het onvermijdelijke moment waarop Simon door euthanasie een eind laat maken aan zijn leven.
‘Simon’ is een zeer luchtige film, zoals we van Eddy Terstall gewend zijn. De film zit vol platte Amsterdamse humor, dialogen van straattaal, voetbal, bier drinken en blote borsten. Ondertussen toont hij echter het aangrijpende aftakelingsproces van Simon. Elke tegenslag pareert hij met een grap, maar als hij op een bepaald moment zijn bed onderplast is hij werkelijk van slag. ‘Simon’ zit vol met dit soort ontroerende momenten, die niet sentimenteel maar aangrijpend en puur zijn. Het moment waarop Sharon (Rifka Lodeizen) op de bank opeens begint te huilen, gaat door hart en ziel. En dit is zeker niet het enige moment waarop je als toeschouwer een brok in de keel krijgt.
‘Simon’ is een ijzersterke film. Dat is niet alleen de verdienste van Eddy Terstall, die al eerder bewees films te kunnen maken over echte mensen, maar zeker ook van zijn acteurs. Vooral Cees Geel is ijzersterk, als de Amsterdamse patjepeeër Simon, die een grote mond maar een klein hartje heeft. Hij overtuigt volledig en kreeg daarom volkomen terecht het Gouden Kalf voor beste acteur. Zijn tegenspeler Marcel Hensema is minstens zo sterk. En ook vaste Terstall acteurs als Rifka Lodeizen, Daan Ekkel en Nadja Hüpscher laten weer zien waarom de Amsterdamse filmmaker ze telkens weer vraagt voor zijn films.
De kracht van ‘Simon’, dat ook Gouden Kalveren ontving voor beste film en beste regisseur, is echter vooral dat het zo’n eerlijke film is. Net als het personage Simon heeft de film ondanks de vele platte grappen, soms grove dialogen, snelle overgangen en vele seksscènes een hart. Dat maakt deze film zo confronterend en emotioneel. Wie zich door deze film van Eddy Terstall laat meesleuren, zal onherroepelijk op een bepaald moment een brok in de keel voelen of moeite hebben om de ogen droog te houden. Een filmmaker die dat voor elkaar krijgt, en die zo’n leuke film over zo’n zwaar onderwerp kan en durft te maken, verdient alle lof.
17/2/2012 | film |