Met een nieuwe versie van ‘Sweet Charity’ heeft theaterproducent Mark Vijn een van de leukste musicals van dit theaterseizoen gemaakt. ‘Sweet Charity’ krijgt overal lovende recensies en ook hoofdrolspeelster Lone van Roosendaal wordt terecht geroemd voor haar vertolking van nachtclubdanseres Charity Hope. ‘Sweet Charity’ is van 30 november tot en met 3 december te zien in het nieuwe Luxor Theater in Rotterdam.Het is derde keer dat de musical ‘Sweet Charity’ in Nederland te zien is. In 1968 speelde Jasperina de Jong de rol van nachtclubdanseres Charity Hope en in 1990 schitterde Simone Kleinsma in deze musical. Producent Mark Vijn nam een risico toen hij voor de nieuwe versie van ‘Sweet Charity’ koos voor de relatief onbekende Lone van Roosendaal als hoofdrolspeelster. De recensies geven hem echter gelijk. Niet alleen de voorstelling wordt vrijwel unaniem toegejuicht, ook Lone van Roosendaal krijgt veel lof voor haar vertolking van de nachtclubdanseres die altijd op zoek is naar haar droomman.
,,Het Parool had het over de triomf van Lone van Roosendaal’’, lacht de hoofdrolspeelster zelf. ,,Ik dacht: hé, dat ben ik! Maar in eerste instantie voelde het alsof het niet over mij ging. Tijdens de repetities wist ik niet of het goed was, twijfelde ik nog wel eens. Maar na de recensies en de reacties van het publiek en collega’s komt dat gevoel wel steeds meer. Ik kan er nu ook van genieten. Ik had niet durven dromen dat deze voorstelling zo goed ontvangen zou worden. Maar leuk is het natuurlijk wel. Vooral voor producent Mark Vijn. Hij heeft toch zijn nek uitgestoken door te kiezen voor een onbekende hoofdrolspeelster.’’
De lof beperkt zich niet tot de hoofdrolspeelster: ,,Ook het ensemble krijgt veel complimenten’’, zegt Van Roosendaal. ,,In één recensie stond: het meest hardwerkende ensemble van Nederland. En dat is terecht. Het is leuk om al die complimenten te horen, omdat het geen groep vol doorgewinterde musicalsterren is. We hebben een zwaar repetitieproces achter de rug, waarbij we zelf niet echt konden inschatten of het nu goed was of niet waar we mee bezig waren. Inmiddels is uit de reacties gebleken dat er met ‘Sweet Charity’ echt wel iets goeds staat.’’
In het begin had Van Roosendaal moeite met de rol van de naïeve Charity. ,,Omdat ze zo anders is dan ik’’, verklaart ze. ,,Ze is hopeloos optimistisch, terwijl ik van nature vrij sarcastisch en gezond wantrouwend ben. Dat klonk in het begin steeds door in de manier waarop ik haar speelde. Bovendien had ik pijn in mijn kaak van het steeds maar glimlachen. Op een bepaald moment was het sarcasme en de verbittering uit mijn stem. Dat was lastig, want er gebeurt nogal wat met haar en dat klinkt in de teksten door.’’ Charity is meerdere malen teleurgesteld in de liefde. Als ze op een dag in de lift accountant Oscar (Tony Neef) tegen het lijf loopt, lijkt ze het geluk eindelijk gevonden te hebben.
‘Sweet Charity’ is een leuke, vlotte musical met een enthousiaste cast. Het plezier spat gedurende de hele voorstelling van het podium af. Hoogtepunten zijn het wereldberoemde lied ‘Big Spender’ (met spectaculaire paaldansact) en de ontmoeting tussen Charity en Oscar in de lift. Natuurlijk waren de makers bang voor de vergelijking met de eerdere Nederlandse versies: ,,Maar de reacties zijn zo goed, ook van mensen die de voorstelling eerder met Jasperina de Jong of Simone Kleinsma hebben gezien. Dit is ook duidelijk een andere versie dan die eerdere twee producties. Wij hebben ons gebaseerd op het allereerste Broadway-script. ‘Sweet Charity’ is bovendien tijdloos, want liefdesverhaaltjes zijn altijd leuk.’’
In ‘Sweet Charity’ speelt Lone van Roosendaal haar eerste, eigen hoofdrol. Eerder was ze te zien in onder meer ‘My Fair Lady’, ‘The Dancing Queens’ en Rocky over the rainbow’. Ook speelde ze als alternate van Simone Kleinsma 160 keer de rol van Donna in de ABBA-musical ‘Mamma Mia!’. ,,Zonder ‘Mamma Mia!’ Had ik met ‘Sweet Charity’ een enorme achterstand gehad. Als je de hoofdrol speelt, verwacht men dat je de kar trekt. In ‘Mamma Mia!’ moesten we steeds met z’n drieën in een ruit staan, met mij naar voren geschoven. Uit een soort theatrale bescheidenheid ging ik altijd tussen de andere twee instaan, tot Ellen Evers zei: als je nu niet in die punt gaat staan, duw ik je de orkestbak in! Na honderd voorstellingen had ik door hoe ik me als hoofdrolspeelster moest opstellen. Dat was echt een grote leerschool voor mij.’’
,,In ‘Sweet Charity’ sta ik twee en half uur vrijwel onafgebroken op het toneel. Dat is best pittig. Fysiek, maar ook qua energie. Je moet de boog de hele voorstelling lang gespannen houden. Toch is het niet moeilijker dan wanneer je minder op het toneel staat, eerder makkelijker omdat ik niet af hoef. Tijd om in te zakken is er dus niet. Ik vind het echt te gek om te doen en ben bovendien heel blij met Tony Neef als tegenspeler. We kenden elkaar al, maar het is altijd afwachten of het ook artistiek gezien klikt. Wij blijken echter hetzelfde in elkaar te zitten. We willen allebei blijven leren en kunnen kritiek van elkaar hebben.’’
Maasstad Weekbladen 23 november 2005
29/11/2011 | theater |